abicar

a.bi.car
ɐbiˈkar
verbo transitivo
scherpe punt maken aan;
op het strand zetten;
met de boeg op het strand vast zetten;
doen afstevenen
verbo intransitivo
NÁUTICA
stevenen
ANAGRAMAS
Porto Editora – abicar no Dicionário infopédia de Português - Neerlandês [em linha]. Porto: Porto Editora. [consult. 2022-01-23 22:37:45]. Disponível em