inabilitar

i.na.bi.li.tar
inɐbiliˈtar
verbo transitivo
geestelijk of lichamelijk onbekwaam maken;
onbevoegd verklaren, (iemand) het recht (de bevoegdheid) ontnemen;
verhinderen, beletten
Porto Editora – inabilitar no Dicionário infopédia de Português - Neerlandês [em linha]. Porto: Porto Editora. [consult. 2021-12-09 00:57:38]. Disponível em